Get Adobe Flash player

Voor de vierde keer afscheid van het paradijs

Het is weer zover, op een of andere manier gaat de laatste week zo enorm snel voorbij dat het bijna niet te bevatten is
De beide Komang’s en Kadek passen hun gehele dag aan in afwachting van ons vertrek. Het is duidelijk onwennig die laatste uren. Wij voelen ons anders op zo’n laatste dag maar ook voor het personeel voelt het anders. Het is wachten op het moment van vertrek, Kadek die normaal onverstoord zijn gang gaat in de tuin staat doelloos te wachten bij de muur tussen tuin en strand. Het regent weer als van ouds op de laatste dag, niet zo hard als vorig jaar maar het regent gestaag en de Balinezen zijn er blij mee. Het is raar maar het lijkt er op dat de regentijd ieder jaar wacht op ons vertrek.
We nemen afscheid van het personeel wat altijd wat afstandelijk blijft en onderdanig, het voelt alsof je afscheid neemt van vrienden maar zonder de genegenheid die daar bij hoort.
Onderweg naar Denpasar regent het, terwijl we voor de laatste keer door Lovina rijden. Voor de laatste keer stilstaan bij het stoplicht waar we tot nu toe bijna altijd naar links gingen maar waar we nu rechtdoor gaan.
We komen langs het favoriete Warung waar ketut de saté Kambing haalt. Gisteren avond hebben we de afspraak gemaakt dat ik volgend jaar samen met hem daar ga eten. Ook hebben we gesproken over Bakso, een gerecht wat wordt klaargemaakt Achterop de Honda. De afspraak staat dat we dat gerecht samen gaan eten en ik kijk daar nu al naar uit.
Het is raar maar na 3 weken is de omgeving zo vertrouwd dat je je niet meer verbaast over de dingen die je om je heen ziet. Wanneer je aankomt vallen dingen op waar je van op kijkt maar inmiddels heb ik dat helemaal niet meer.
We staan voor een stoplicht, een fantastisch systeem met een digitale klok die aftelt van 30 naar 0 en dan groen wordt voor maar liefst 15 seconden.
Het is inmiddels droog wanneer we de afslag hebben genomen richting de bergen. We rijden langs een Indomaret, een kleine supermarkt waar er hier heel veel van zijn en waar we de afgelopen drie weken onze boodschappen hebben gedaan.
Ketut neemt altijd een soort sluiproute waar je echt geen toeristen meer tegen komt, hier zie je het leven zoals het geleefd wordt op Bali met alle bedrijvigheid die daar bij hoort. Er wordt heel veel gewacht, gepraat, gehangen, maar er wordt ook gewerkt. Het blijft opvallend dat op Bali waar je ook kijkt wordt gebouwd.
Een andere tak van inkomsten is het runnen van een winkeltje, waar je er op Bali heel veel van ziet. Het gekke is alleen dat ik bij het langsrijden zo goed als nooit klanten zie maar alleen de eigenaar/ verkoper die zit te wachten op een mogelijke klant. Je vraagt je dan ook af of het runnen van zo’n winkeltje voldoende oplevert om van te leven maar gezien de grote aantallen winkeltjes is dat lonend genoeg om te kunnen overleven.
Dan zijn er ook nog de vele kleine kraampjes langs de weg met fruit, op het moment dat ik dit schrijf rijden we langs een stuk of 6 kraampjes met mango’s. Soms zit er slechts 20 meter tussen de kraampjes waar allemaal iemand zit te wachten op een mogelijke klant. Ik snap eerlijk gezegd niet hoe dat moet werken maar het werkt.
We zijn inmiddels op de vertrouwde “hoofdweg” en rijden langs de sportschool verder omhoog de bergen in. We hebben net een hele moeizame klim meegemaakt waar onze bus met heel veel moeite omhoog kwam. Ik had zelfs heel even het idee dat we het niet gingen redden en dat er geduwd moest gaan worden, maar met enig ingetogen gejuich van mijn kant haalde we de top.
We klimmen verder, hoger en hoger en nog steeds met langs de weg een onophoudelijk aantal kraampjes met mango’s en wachtende verkopers in de hoop dat iemand precies voor zijn of haar kraampje zal stoppen.
Onze bus heeft het zwaar, we kachelen met 30 km per uur omhoog. De eerste borden die aangeven dat we in de buurt komen van de GitGit twin waterfall verschijnen aan de kant van de weg. Nog meer mango’s en ik zie een vrouw het straatje van haar winkeltje schoonmaken op de Balinese manier. Je veegt het vuil van voor je winkel naar naast je winkel. Wanneer de toegang schoon is, is het doel bereikt. We komen langs de GitGit en gaan nog steeds gestaag omhoog. Het wordt steeds rustiger naarmate we hoger komen. Ik merk dat de airco steeds slechter gaat werken en het wordt bij vlagen onaangenaam warm en vochtig in de auto. Ik moet gapen, niet omdat ik moe ben maar omdat ik een beetje misselijk begin te worden. Er komt een vreemde damp uit de roosters van de airco wat aangenaam koud aanvoelt maar gepaard gaat met een vreemd luchtje. Ik hoop niet dat hij het zo begeeft want dat warme vochtige is niet aangenaam.
We stijgen steeds verder en inmiddels zitten we achter een bus waarachter we de duizelingwekkende snelheid van 25 km/uur regelmatig halen.
De airco geeft er weer even de brui aan maar pakt na een korte stop de draad weer op. Alles heeft het moeilijk, ikzelf ook. De misselijkheid neemt nog niet erg af en het gapen gaat door en het stijgen ook. De Soto soup komt even omhoog, niet vies maar dit was niet de bedoeling.
Ik probeer mijn persoonlijke problemen even te verdrukken en concentreer me weer op de gebeurtenissen buiten. Ik merk dat we op sommige momenten zelfs moeite hebben om de bus bij te houden bij deze duizelingwekkende snelheden.
De airco trekt mijn aandacht weer naar de andere kant van het glas, het kreng stinkt en valt steeds weg. Ketut draait al een beetje nerveus aan de knoppen en ik kan hem melden dat hij het weer doet. De problemen met de airco zullen voortkomen uit het harde werken van de motor want we gaan nog steeds heel moeizaam omhoog. Eindelijk bereiken we de top, waar we de eerste apen ontwaren. Niet lang daarna komen we bij het gedeelte waar de toeristen normaal de apen kunnen voeren. We gaan nu met een gangetje van 40 km per uur naar beneden, nog steeds houdt de misselijkheid aan. We “scheuren” inmiddels langs de minizoo en vervolgens langs de markt.
We gaan nu richting Strawberry Hill, een restaurant en hotel waar naar ik verwacht alles draait om aardbeien. Ter bevestiging van deze aanname worden even verderop langs de weg aardbeien verkocht.
De Soto Soup komt verder omhoog en ineens heb ik heel even spijt dat ik deze fantastische soep heb gegeten. Ik hoop dat de soep me onder deze omstandigheden niet fataal gaat worden, maar gelukkig gebeurd er niets en ebt het gevoel van spijt weer weg.
Inmiddels zijn we ruim 1,5 uur onderweg en de weg wordt vlakker, we rijden nu duidelijk de bergen uit. Onze bus heeft het gered en de airco doet het nu dusdanig goed dat het gewoon fucking koud begint te worden. Omdat niemand klaagt doe ik de aanname dat het aan mij ligt en maak ik er verder geen werk van. De lucht wordt weer donker en de eerste druppels verschijnen op de voorruit. Door het donkere buiten en het koude binnen waan ik me al even in Nederland en dat is echt niet wat ik al wil !!!!!!
De regen zet door, de ruitenwissers gaan nu definitief aan.
De weg staat op sommige plaatsen blank en dat is zeer welkom in deze omgeving, het had hier volgens zeggen vanaf april al niet meer geregend. De kanaaltjes die door de dorpen lopen stromen weer vol met water, dit moet een absolute zegen zijn na zoveel droogte.
De rijstvelden staan weer blank en ineens zoals altijd is daar weer de zon, de lucht is weer blauw en ik schat in dat het 31 graden is buiten, hoewel in de auto inmiddels het ijs op mijn vingers staat. Bestuurders van scooters trekken hun poncho’s weer uit, alles is nat maar de regen is gestopt. We komen in de buurt van Denpasar, de eerste borden wijzen al in die richting maar eigenwijs gaat Ketut echter rechtsaf waar de borden zeggen dat hij rechtdoor zou moeten. Weer een sluiproute, overigens niet alleen bekend bij Ketut want het is hier knap druk.
Ook hier zien Toch zien we duidelijk de tekenen van regenval want ook hier staan alle velden blank en zijn de kanaaltjes die door de dorpjes lopen redelijk gevuld met water
Ketut vertelde gisterenavond over een extreme droogte toen hij 9 jaar oud was. Het was toen een hele zware tijd omdat er niet voldoende rijst was. Wanneer ik nu om me heen kijk staan de rijstvelden er goed bij en zal in 2014 zeker geen rijst schaarste ontstaan
En dat is maar goed ook want de meeste Balinezen eten drie maal per dag rijst, waarbij ze per persoon per maaltijd ongeveer 150 gram rijst verorberen. Met ruim 3.000.000 Balinezen is dat toch snel 1.350.000 kg per dag.
We rijden door de rook van verschillende stapels groenafval dat in de brand is gestoken, een fenomeen wat je hier heel vaak ziet omdat dit op Bali de enige manier is om van je afval af te komen.
Inmiddels zie ik weer een verkeersbord met Denpasar wat keurig wordt opgevolgd, gevolgd door een bord waar we weer lekker schijt aan hebben. We rijden nu richting Kuta. Het schiet me ineens te binnen dat de reden van deze afwijking wel eens de uitwijk naar onze eerste tussenstop zou kunnen zijn, namelijk Mac Donalds. Ik zie een grote M aan de horizon, we komen in de buurt.
We slaan af naar de parkeerplaats van de Mac Donalds en hebben onze richtingaanwijzer uit. Schijnbaar niet voor iedereen duidelijk want terwijl Ketut langzaam de parkeerplaats opdraait naar links probeert een scooterrijder toch links nog even voorbij te steken en dat ging dus even niet. Met een klap komt de scooter tot stilstand tegen de zijkant van onze bus. Ketut probeert nog in contact te komen met deze onfortuinlijke scooterrijder maar helaas is hij al gevlogen. Een soort van gedrag dat we al eerder bij een aanrijding hebben mogen aanschouwen. Na ons bezoek aan de Mc vervolgen we onze reis naar de luchthaven van Denpasar. Het is duidelijk minder druk op de weg dan de jaren hiervoor en we komen zonder veel strubbelingen aan op het vliegveld van Denpasar.
We nemen op gepaste wijze afscheid van Ketut en na het afwijzen van een gretige persoon die onze koffers wil dragen lopen we richting de toiletten waar enige vorm van gedaanteverwisseling plaats vind bij sommige van ons. Vanaf het toilet lopen we richting de incheckbalie waar alles ook weer vlot verloopt en na het afdragen van 200.000 rupiah aan legale dieven (belasting) komen we uiteindelijk via nog twee controlepunten in het walhalla voor mensen met heel veel geld, de taxfree shops.
Daar lopende zien we iets heel vertrouwd (wie had dat in godsnaam verwacht) namelijk een la Place restaurant, spontaan hebben enkele van ons heel veel spijt van het Mc avontuur maar dat is niet meer terug te draaien. We nemen plaats in de “comfortabele” wachtruimte om de komende paar uur door te brengen. Dit geeft mij volop de tijd om alles wat ik tot nu toe op heb geschreven bij te schaven en te fatsoeneren.
Terwijl ik de tekst zit bij te werken worden we gestoord door een bellende Rus die zichzelf schijnbaar heel graag hoort. Het blijft toch vervelend dat je steeds weer bevestiging krijgt van de onbeschoftheid van een volk wat niet om kan gaan met de vrijheid die ze hebben gekregen.
Rond 20:45 uur klinkt uit de luidsprekers dat het boarden een half uur is verlaat en dat wordt door sommige niet als heel fijn ontvangen want de wachttijd was al lang zat, toch? Rond 21:35 uur mogen we dan eindelijk aan boord van de KL0836 van Denpasar naar Amsterdam.
Terwijl we in het vliegtuig zitten krijgen we door dat het opstijgen vertraagd is doordat een passagier niet is komen opdagen. Zijn of haar bagage is wel aan boord en als veiligheid maatregel wordt de bagage dan verwijdert uit het vliegtuig. Ik kan me voorstellen dat het opzoeken van een specifieke koffer tussen minimaal 189 stuks bagage niet eenvoudig is.
Maar dan gaat het toch gebeuren, het onvermijdelijke loskomen van het paradijs is een feit. Met een ongekende snelheid rukken de wielen van ons favoriete toestel de Boeing 777-300 zich met grote tegenzin los van het eiland en kiest hij het luchtruim richting Singapore. Over “slechts” 15 uur zetten we weer voet op vaderlandse bodem en is de droom voor dit jaar weer voorbij.

2 reacties op Voor de vierde keer afscheid van het paradijs

  • Ton schreef:

    Ap, ik heb je verslag weer met groot genoegen zitten lezen en heb het vertrek voor een tweede keer intens beleeft. Het viel mij ook op dat de wielen zich met grootte tegenzin losrukte van het asfalt alleen was het geen 737 maar een 777-300……je weet wel, ons favoriete toestel 🙂

  • Alicia schreef:

    Wat kan je het toch goed beschrijven oompje! Moet bijna huilen bij de gedachte dat ik er dit jaar misschien niet bij zal zijn… 🙁 Misschien valt er toch nog iets te regelen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *